Betwisting tussen huurder en verhuurder.

Teneinde een betwisting tussen huurder en verhuurder omtrent de huur van het goed te beslechten, zijn er 2 mogelijke procedures (bevoegdheid van de vrederechter): enerzijds de verzoeningsprocedure, anderzijds de gerechtelijke procedure.

Het grote voordeel van de verzoeningsprocedure is dat zij kosteloos is; zij brengt geen advocaten- of gerechtskosten met zich mee. De aanvraag geschiedt op de griffie van het vredegerecht van het kanton waar het gehuurde goed gelegen is. Deze aanvraag kan mondeling of schriftelijk gebeuren. Na de aanvraag worden beide partijen opgeroepen om voor de vrederechter te verschijnen met het oog op een mogelijke verzoening.

Indien men een akkoord bereikt dan wordt er in het proces-verbaal akte genomen van het akkoord. Indien één van de partijen niet opdaagt of er wordt geen akkoord bereikt, dan rest de partijen enkel en alleen nog de gerechtelijke procedure starten.